🇮🇹 Puglia – Witte dorpen & Zuid Italiaanse charme (september 2025)

In september 2025 reizen we naar het zonnige Puglia, waar we verblijven bij Agriturismo Masseria Spetterata, een sfeervolle uitvalsbasis in het hart van Zuid-Italië. Vanuit hier ontdekken we de karakteristieke witte dorpen en de kust van de Adriatische Zee.
We bezoeken onder andere Montalbano, Ostuni, Ceglie Messapica, Martina Franca, Cisternino en Locorotondo, elk met hun eigen charme en smalle straatjes. In Alberobello bewonderen we de iconische trulli, terwijl we aan zee genieten in Polignano a Mare, Monopoli en Torre Canne.
Ook de natuur komt aan bod met een bezoek aan het natuurpark Torre Guaceto Marine, en cultuur proeven we in het barokke Lecce. Een reis vol rust, sfeer, Italiaanse gastronomie en mediterrane landschappen.
Dag 1:Aankomst in Puglia – start van onze tweede vakantie
Vandaag begint onze tweede vakantie van dit jaar. Vanaf Maastricht vliegen we naar Bari. De vlucht heeft ongeveer twintig minuten vertraging bij vertrek, maar onderweg wordt dat grotendeels ingehaald en uiteindelijk landen we slechts tien minuten later dan gepland op het vliegveld van Bari. Na aankomst halen we onze koffers op en melden ons bij de balie van Avis. Het duurt nog zo’n half uurtje voordat alles geregeld is, maar dan krijgen we eindelijk de sleutels en lopen we naar onze huurauto: een Ford Fiesta.



Het eerste stuk rijden is meteen even wennen. Het is druk, met veel op- en afritten rond de stad Bari. Auto’s krioelen door elkaar en iedereen lijkt zijn eigen regels te volgen. Langzaam wordt het rustiger en na ongeveer vijftig kilometer verlaten we de “snelweg” en rijden we verder over de SS16 richting Montalbano. Deze weg is bijzonder: de SS16 is de oudste weg van Italië en loopt vanaf Venetië helemaal langs de kust tot diep in het zuiden van de laars.
Vanaf Montalbano is het nog zo’n vijf kilometer naar onze overnachtingsplek: Agriturismo Masseria Spetterrata. De laatste kilometers gaan over een smalle weg vol kuilen, dwars door een landschap van olijfbomen. Puglia telt naar schatting zo’n 60 miljoen olijfbomen, waarvan veel exemplaren eeuwenoud zijn – sommige zelfs meer dan 3000 jaar. Het voelt meteen landelijk, rustig en authentiek.
Op de agriturismo aangekomen merken we hoe stil het hier is. Er liggen ongeveer tien appartementen, verspreid over het terrein, met een fantastisch uitzicht over de olijfbomen en in de verte de Adriatische Zee. We rusten even uit, nemen het uitzicht in ons op en genieten van de stilte terwijl het langzaam begint te schemeren.
Als de avond valt, rijden we naar beneden richting het dorpje. We doen wat boodschappen en wandelen een rondje door het dorp. Al snel merken we dat we veel te vroeg zijn voor het avondeten; hier begint het leven duidelijk later dan in Nederland. Daarom ploffen we eerst neer bij Pasticceria Gelateria Caffetteria MAPA. Voor een espresso en een cappuccino betalen we samen slechts €2,70 – een heerlijk begin van onze Italiaanse avonden.
Daarna wacht een unieke eetervaring bij Macelleria Braceria Mola, een combinatie van slagerij en restaurant. Eerst kiezen we binnen bij de slager ons vlees uit. Vervolgens mogen we plaatsnemen in de sfeervolle achtertuin, waar tafeltjes staan tussen de verlichting en de planten. We beginnen met een heerlijk voorgerecht van courgettecarpaccio, waarna het gekozen vlees perfect wordt gegrild op de barbecue. Het smaakt zó goed dat we nog een extra portie bestellen en uitgebreid blijven zitten genieten. Na afloop lopen we terug naar de slager om af te rekenen.




Met volle magen en een grote glimlach rijden we daarna in het donker terug naar de agriturismo, weer over de smalle, kuilrijke weg. Moe maar voldaan sluiten we onze eerste dag in Puglia af, met het gevoel dat deze vakantie veel moois in petto heeft.
Dag 2: Slenteren door de Witte Stad: een ontspannen dag in Ostuni
Vandaag begint de dag ontspannen. Om 8.45 uur staan we op en wandelen we richting het zwembad, waar ook de ontbijtzaal is. We worden hartelijk verwelkomd door Angelo, die ons meteen een welkom-gevoel geeft. We nemen plaats in de schaduw en genieten van een uitgebreid ontbijt met een heerlijke cappuccino. Het ontbijt is typisch Italiaans: veel zoete lekkernijen, waaronder verschillende soorten taart – en ja, die smaken gevaarlijk goed.
Angelo vraagt nieuwsgierig wat onze plannen voor vandaag zijn en geeft ons spontaan een paar fijne tips. Voor Ostuni raadt hij twee bars aan met prachtig uitzicht en daarnaast noemt hij nog een paar goede restaurants in Ceglie Messapica, vlak bij Ostuni. Met die tips op zak gaan we op pad.
Ostuni ligt op een heuvel, zo’n acht kilometer van de Adriatische kust, en is al van verre te zien. De stad staat bekend als Città Bianca, de Witte Stad, vanwege de helderwitte huizen die tegen de heuvel zijn gebouwd. Helemaal bovenop torent de imposante kathedraal uit, met haar bruinkleurige façade en opvallende koepel van kleurrijke majolicategels.







We slenteren op ons gemak door de smalle straatjes en genieten van de vele doorkijkjes, pleintjes en uitzichten richting de zee. Het is heerlijk om zonder vast plan rond te dwalen. Op de zaterdagochtendmarkt is het gezellig druk; kraampjes liggen vol met vers fruit en groenten en de kleuren spatten ervan af. Voor de lunch strijken we neer bij Bar Perso, waar we genieten van een heerlijke sandwich. Daarna bewonderen we nog de kathedraal en wandelen langs de stadsmuren, die een prachtig uitzicht bieden over het omliggende landschap.


In de middag keren we terug naar de agriturismo, waar het tijd is om te ontspannen. We genieten van het zwembad en de ligbedden, even niets doen, alleen zon, rust en uitzicht.



’s Avonds rijden we opnieuw naar Ostuni voor het diner. We belanden bij Trattoria Fave e Fogghje, een bijzonder restaurant waar we beneden in een grotachtige kelder plaatsnemen. Het is hier letterlijk oppassen bij het opstaan, want het plafond is laag. De sfeer is intiem en authentiek. Zowel het voorgerecht als het hoofdgerecht smaken uitstekend en maken de avond compleet.
Na het eten slenteren we nog door de straatjes van Ostuni. De stad is prachtig verlicht en bruist van de mensen; overal klinkt geroezemoes en gelach. Terug op de agriturismo sluiten we de dag af op ons eigen terras, met een drankje in de hand en uitzicht over het donkere landschap. Een perfecte afsluiting van een heerlijke dag in Puglia.
Dag 3: Van Martina Franca tot Ceglie Messapica: witte stadjes en puur Puglia
Na het ontbijt stappen we in de auto richting Martina Franca, een stadje met net geen 50.000 inwoners, gelegen op slechts vijf kilometer van het eveneens prachtige Locorotondo, dat morgen op de planning staat. Martina Franca verrast meteen. De stad heeft een eigen, elegante uitstraling met indrukwekkende architectuur: een adembenemende kathedraal, talloze statige palazzi en een wijk vol witte huisjes, gebouwen en smalle steegjes. Ooit werd de stad omringd door een stadsmuur; vandaag de dag herinneren alleen de vier stadspoorten nog aan dat verleden.




We slenteren op ons gemak door de stad en belanden eerst op de zondagmarkt, waar vooral kleding en schoenen worden verkocht. Daarna duiken we de oude stad in. Overal klinkt live muziek, in een kerk is een mis gaande en ondertussen kijken we onze ogen uit naar de details van de architectuur. We strijken neer bij Antichita voor een heerlijke aperitivo met bijpassende sapjes – genieten pur sang.




Terug op de agriturismo doen we precies wat bij vakantie hoort: ontspannen bij het zwembad en genieten van het uitzicht over de olijfbomen en het landschap.
Later op de dag rijden we naar Ceglie Messapica, ten zuidwesten van Ostuni en het meest zuidelijke plaatsje van de Valle d’Itria. Ook hier zijn de huizen stralend wit en enorm fotogeniek, maar het is er een stuk rustiger dan in Ostuni. Dat geeft het dorp een authentieke sfeer: je wandelt hier bijna ongestoord rond en drinkt een koffie tussen de locals.




Op aanraden van Angelo schuiven we hier aan bij Ristorante Cibus voor het avondeten. Midden in het restaurant genieten we van voortreffelijk eten, goede sfeer en het gevoel dat we Puglia weer een beetje beter hebben leren kennen.
Dag 4: Trulli en dwaalstraatjes in de Valle d’Itria
Na het vroege ontbijt van 8.00 uur gaan we meteen op pad richting onze eerste halte van vandaag: Alberobello. Waarom zo vroeg? Simpel: dit is hét hoogtepunt van Puglia en dat weten de touringcars ook. Al snel worden hier bussen vol Aziatische toeristen afgeleverd en foto’s maken zonder mensen erop is bijna onmogelijk.
Wat Alberobello zo bijzonder maakt, ligt in het hart van de Valle d’Itria, de beroemdste vallei van Puglia. Deze streek dankt haar faam aan de betoverende trulli: witte huisjes met een kegelvormig dak. Alberobello is zonder twijfel het trulli-paradijs van Puglia. Voor wie het nog niet kent: een trullo is een rond huisje, oorspronkelijk gebouwd door stenen zonder cement op elkaar te stapelen, met een puntig grijs of wit dak. Ze zijn ongelooflijk fotogeniek en het voelt alsof je door een openluchtmuseum wandelt.




Onze tweede stop ligt zo’n 15 kilometer verderop: Locorotondo. Dit dorp, gebouwd op een heuveltop in de vallei, wordt beschouwd als een van de mooiste dorpen van Italië. Hier kun je eindeloos ronddwalen door het historische centrum, dat tot de nok toe gevuld is met witte huisjes, kleurrijke bloemen en sfeervolle steegjes. Met een beetje geluk word je onderweg getrakteerd op een schitterend uitzicht over de Valle d’Itria. Leuk detail: Locorotondo draagt de bijnaam La Città del Vino Bianco, de stad van de witte wijn.




In tegenstelling tot Alberobello is het hier een stuk rustiger. We slenteren door het ronde centrum, verdwalen in de straatjes en lopen van het ene fotomoment naar het andere. Voor de lunch strijken we neer bij Controra, waar we met uitzicht over de vallei genieten van een heerlijke sandwich en bijbehorende sapjes.



Voordat we terugrijden, maken we nog een laatste stop bij La Penega voor lekkere cakejes, perfect voor later bij het zwembad. Daar doen we het rustig aan, want het diner staat pas om 20.00 uur gepland. Bij La Lanterna sluiten we de dag af met een voorgerecht en pizza’s, die zo goed smaken dat ze in no-time op zijn. Een dag vol hoogtepunten in de Valle d’Itria.
Dag 5: Zee, zand en la dolce vita aan de Adriatische kust
Vandaag zijn we wat later bij het ontbijt, rond 9.30 uur, en doen we het heerlijk rustig aan. Geen stad, geen architectuur en geen cultuur op het programma, maar volop natuur en zee.
We rijden richting Torre Guaceto, een beschermd marien natuurgebied. De naam dankt het gebied aan een zestiende-eeuwse toren die vroeger werd gebruikt om de kust te verdedigen. Tegenwoordig is het een prachtig natuurreservaat met een bijzonder mooi strand. Het strand is misschien wat smaller dan op andere plekken, maar dat maakt het niet minder de moeite waard. Integendeel: het heldere, intens blauw gekleurde water is schoon en nodigt meteen uit om het water in te gaan. Een perfecte plek om te genieten van een zonnige dag aan zee.








We zwemmen in de zee, wandelen langs de waterlijn en verzamelen schelpen voor onze steeds groter wordende verzameling. De rust, het geluid van de golven en het uitzicht maken het een plek waar je makkelijk uren kunt blijven.
Op de terugweg stoppen we in Torre Santa Sabina voor de lunch. Het is even zoeken naar een geschikt plekje, maar uiteindelijk vinden we een fijne locatie waar we genieten van een smakelijke maaltijd.
In de avond rijden we door naar Torre Canne, een kleine badplaats vlak bij onze agriturismo, waar we de dag afsluiten.



Het leven begint hier pas echt rond 19.30 uur, want dan openen de restaurants hun deuren. We wandelen rustig langs de boulevard en komen uiteindelijk terecht bij Cirie. Hier genieten we volop van “la dolce vita”, het goede en zoete leven. De voorgerechten zijn heerlijk, de pasta’s met zeevruchten verdwijnen in rap tempo en er blijft niets over. Het toetje, tiramisu, is zelfs nog sneller op. Een perfecte afsluiting van een ontspannen dag aan zee.
Dag 6: Barok en geschiedenis in het hart van Lecce
Vandaag bezoeken we Lecce, maar nog voordat we de stad bereiken, worden we onderweg al afgeleid door de stokoude olijfbomen langs de weg. Sommige zijn zo indrukwekkend en verweerd dat ze gewoon op de foto móéten. Puglia op z’n mooist.



Lecce voelt als een groot openluchtmuseum. Net als Rome, maar dan kleiner en compacter. Waar je ook loopt, overal duikt weer een prachtig gebouw op. Lecce is de belangrijkste stad van de Salento, het zuidelijke deel van Puglia dat bekendstaat om zijn ongerepte wateren en mooie stranden. De stad zelf is vooral beroemd om de uitbundige barokke architectuur.




Een van de meest indrukwekkende plekken is zonder twijfel de Piazza Duomo. Dit plein wordt ook wel het binnenhof van de bisschoppen genoemd, en zodra je er staat begrijp je waarom. Hier bewonderen we de Duomo van Lecce met de bijbehorende Campanile, het zeventiende-eeuwse Palazzo Vescovile en het Palazzo del Seminario. Alles ademt geschiedenis en grandeur.



Een andere must see is het Piazza Sant’Oronzo, met het bronzen beeld van de beschermheilige van de stad en de indrukwekkende resten van het Romeinse amfitheater. Het is hier inderdaad volop pracht en praal, maar toch merken we dat we de sfeer van kleine steegjes en intieme barretjes een beetje missen. Lecce voelt net wat stadser en massaler dan de dorpen die we eerder bezochten.




Vlak bij de parkeerplaats sluiten we ons bezoek af bij Caffettino met een aperitivo en een rustico, een typisch Salentijnse streetfood-snack van bladerdeeg met een vulling van bechamelsaus, tomaat en mozzarella. Simpel, warm en ontzettend lekker.
Daarna rijden we terug en genieten nog even van het zwembad.



’s Avonds eten we opnieuw bij Moccelleria Braceria Mola, waar we ook op de eerste avond al zo heerlijk hebben gegeten. En ja, het is weer net zo goed. Een perfecte afsluiting van een dag vol cultuur en smaken.
Dag 7: Van kliffen tot vissershavens: een laatste dag vol contrasten
Vandaag is alweer de laatste dag van deze “korte” vakantie, al voelt hij door alles wat we hebben gezien een stuk langer. We maken nog twee stops in twee heel verschillende dorpjes: eentje uitgesproken toeristisch en spectaculair, de ander wat ruwer en ongepolijster.
We beginnen in Polignano a Mare, een indrukwekkend stadje dat hoog op de kliffen boven de Adriatische Zee is gebouwd. Vanuit het centrum kijk je recht naar beneden op een kleine baai met een strand, ingeklemd tussen hoge rotswanden. Het is een beeld dat je meteen bijblijft. Polignano a Mare is bovendien de geboorteplaats van Domenico Modugno. Zegt die naam je misschien iets? Hij schreef het wereldberoemde lied Nel blu dipinto di blu, beter bekend als Volare.







We slenteren door de straatjes met hun balkons vol plantjes, kleine winkeltjes en doorkijkjes naar zee. In het oude centrum ontdekken we ook straatpoëzie: korte gedichten die op muren, deuren en zelfs traptreden zijn geschreven. Een leuke verrassing onderweg. Voor een korte pauze strijken we neer bij Cactus Bookbar, pal naast de straat waar iedereen langsloopt. Ideaal om even te zitten en mensen te kijken.



De tweede stop van vandaag is Monopoli, volgens velen een van de best bewaarde geheimen van Puglia. Dit witte vissersstadje ligt bijna 50 kilometer ten zuiden van Bari. Aan de ene kant grenst het direct aan zee, aan de andere kant loopt het langs de rommelige superstrada richting Lecce. De naam heeft overigens niets te maken met het bekende bordspel, maar is van Griekse oorsprong en wordt uitgesproken als Mo-noe-pó-li, met de klemtoon op de tweede lettergreep.



De smalle witte straatjes vormen een perfect decor voor een ontspannen wandeling. Het hoogtepunt is de pittoreske haven, waar kleurrijke vissersbootjes zachtjes dobberen op het ritme van de golven. Met uitzicht op die haven eten we een heerlijke pokébowl met verse vis bij Sottocoperta Pub. Een onverwacht lichte en frisse lunch.




Terug op de agriturismo genieten we nog één keer van het zwembad. In de avond rijden we naar onze laatste bestemming van deze reis: Cisternino. Hier schuiven we aan bij Bere Vecchie. Als voorgerecht krijgen we een enorme plank met vlees en kazen, meer dan genoeg voor vier personen. Het hoofdgerecht lukt nog net, maar voor een toetje is echt geen ruimte meer.
Dag 8: Terugreis naar huis
De wekker gaat vroeg, om 06.00 uur. Angelo heeft een klein ontbijt voor ons klaargezet. We rekenen af wat nog openstaat en rijden richting de luchthaven van Bari. Rond 08.00 uur leveren we de auto in en alles verloopt verrassend soepel. Om 09.00 uur eten we nog een hapje en om 09.30 uur is het tijd om te boarden. De vlucht naar Maastricht verloopt vlot en om 12.00 uur landen we alweer in Nederland. Daarna zijn we snel thuis.



De vakantie was fantastisch. We hebben ongeveer 1000 kilometer gereden, ongelooflijk veel gezien en genoten van elke dag. Deze bestemming raden we absoluut aan, want er is hier nog zóveel meer te ontdekken. Misschien een volgende keer.
Nog meer foto’s van weer een geweldige week in Italië:






















































































